Groene daken geven droge voeten

bron: De Morgen, 19 november 2010

Antwerps schepen Ludo Van Campenhout over waarom Antwerpen niet verzoop. Van Campenhout is schepen van Stads- en Groenontwikkeling van de stad Antwerpen en volksvertegenwoordiger.

Alleen met een strikte stedenbouwkundige aanpak, en het voorzien van genoeg buffercapaciteit kan op lange termijn het waterprobleem duurzaam worden gecontroleerd.

De stad Antwerpen verplichtte onlangs groendaken. Veel mensen denken dat dat een louter esthetische maatregel is, maar zo'n vergroening heeft meer troeven. Zo kaderen deze groendaken onder meer in de strijd tegen watersnood, in een globale en stedenbouwkundige visie. Die visie begint zijn vruchten af te werpen, waardoor Antwerpen dit weekend grotendeels gespaard bleef van waterellende.

In 1998 liep voor het eerst een groot deel van Merksem onder water, en ook daarna had het Antwerpse district bij elke zware regenbui 'prijs'. Niemand kon ons toen garanderen dat met één ingreep de watersnood kon worden vermeden. Want elke geïsoleerde oplossing verhuisde de problemen naar elders. Antwerpen moest dit waterprobleem structureel aanpakken: technische ingrepen doen, gecombineerd met het aanleggen van voldoende buffercapaciteit. En vóór alles: een doordachte stedenbouwkundige aanpak.

intensiefMeedogenloze Schelde
Naast enkele technische ingrepen op korte termijn, speelt de stad ook in op het vernieuwde Sigmaplan: het project van Vlaanderen voor verhoogde dijken, gecontroleerde overstromingsgebieden, potpolders en spaarbekkens. En uiteraard werd het hele Masterplan Scheldekaaien opgemaakt in relatie tot het water, met een verhoogde waterkeringsmuur. De stad moet met het gezicht terug naar de stroom, maar mag nooit vergeten dat de Schelde ook meedogenloos kan zijn.

Deze maatregelen helpen ons al een stuk op weg, maar zijn slechts een eerste stap. Een duurzame oplossing kan alleen door het reserveren van genoeg buffercapaciteit en het vasthouden aan een globale, tot in de details doorgedreven stedenbouwkundige aanpak. Alleen dat geeft voldoende garanties om waterellende op lange termijn duurzaam te controleren.

De waterproblematiek en het demineraliseren van de stad - met de keuze voor groen in plaats van bebouwing - waren dan ook belangrijke richtsnoeren voor ons Ruimtelijke Structuurplan Antwer-pen Ontwerpen, waarbij we het groen en de parken als bufferende overstromingsgebieden herwaarderen. 

Onder meer daarom realiseert de stad tegen 2012 in elk district een nieuw park. Enkele daarvan vormen heuse landschapsgehelen, zoals het Stroboerpark in Merksem: 170 hectare ofwel 170 keer de Antwerpse Groenplaats. Ook op het vernieuwde Ruggeveld wordt de schaarse open ruimte dubbel gebruikt: als een sportlandschapspark en als overstromingsvallei voor de Schijn. ukkel01 midden


Het systematisch verharden van de bodem door asfalteren en volbouwen is een van de hoofdoorzaken van de huidige waterproblemen. Daarom beperkt Ant-werpen het verharden van voortuinen en terrassen. Dat lijkt voor de betrokken burgers, die hun 20 vierkante meter oprit met waterdoorlaatbare materialen moeten aanleggen, misschien een druppel op een gloeiende plaat. Maar met zo'n 3.000 bouwvergunningen per jaar spreken we al snel over imposante oppervlakten.

Idem voor de Antwerpse ondergrond. De stad ontdubbelt al tien jaar het rioleringsstelsel in twee aparte circuits: één van vervuild water en één van regenwater in de ontkoppelde ruien. Daardoor ontstaat een enorme waterbuffer onder de minerale binnenstad. Zeker samen met de sinds 2000 verplichte regenputten.